Inzicht in energiebehoeften
Veel chemische bedrijven willen verduurzamen. De plannen liggen er. De technologie is er, maar zonder energie blijven die plannen op papier staan. Yara in Sluiskil laat zien hoe je die impasse doorbreekt. Niet alleen door te investeren in techniek, maar juist door inzicht te geven in wat je nodig hebt.
Wim Versteele vertelt: “Tot vijf, zes jaar geleden was elektriciteit geen issue in Zeeuws-Vlaanderen. Maar sommige collega bedrijven gingen meer elektriciteit gebruiken en een aantal opwekkingen in de regio waren niet rendabel. Men was van plan die te gaan sluiten. Daardoor werd het netcongestie-probleem nijpend. Op dat moment hadden wij het voordeel dat de behoefte aan elektriciteit in de regio duidelijk werd richting netbeheerders via de gegevens die alle Zeeuws-Vlaamse bedrijven hadden ingegeven in Data Safe House.”
Die input werd meegenomen in het Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (MIEK)-project. In dit programma werkt de Rijksoverheid samen met bedrijven, medeoverheden, netbeheerders en kennisinstituten om sneller en efficiënter tot een compleet en goed werkend energiesysteem te komen. Het MIEK versnelt en geeft voorrang aan energie-infrastructuurprojecten.
Netcongestie als rem op verduurzaming
Voor Zeeuws-Vlaanderen betekende dat, dat er plannen gemaakt zijn voor de aanleg van een 380 kV verbinding. En dat helpt Yara in het realiseren van haar verduurzamingsplannen. Nu al scoren ze als een van de hoogste chemische bedrijven in verduurzaming en ze willen daarin nog meer realiseren. “Yara produceert stikstofmeststoffen en industriële chemicaliën. Daarbij komt CO₂ vrij. Die uitstoot willen we fors terugdringen. Een belangrijk project binnen onze verduurzamingsroadmap is onze CCS-installatie. Daarmee gaan we CO₂ afvangen, vloeibaar maken en per schip vervoeren naar een definitieve opslag in Noorwegen. Als de installatie draait, betekent dat een extra reductie van maar liefst 800.000 ton CO₂ per jaar. Een enorme stap. Maar ook een stap die afhankelijk is van voldoende energie. Zonder energie, geen CO₂-reductie.”, vertelt Versteele.
Van data naar besluitvorming
De situatie waarin Yara zich bevond, is voor veel industriële bedrijven herkenbaar. De ambitie om te verduurzamen is er. Maar de infrastructuur blijft achter.
De oplossing lag in dit geval niet in techniek, maar in samenwerking en informatie delen. Dat delen van hun verduurzamingsplannen maakte een cruciaal verschil. “Via de gegevens die alle Zeeuws-Vlaamse bedrijven hebben ingegeven in Data Safe House werd duidelijk hoe groot de behoefte aan elektriciteit is in de regio.”
Via de gegevens die alle Zeeuws-Vlaamse bedrijven hebben ingegeven in Data Safe House werd duidelijk hoe groot de behoefte aan elektriciteit is in de regio.
Voor het eerst lag er een compleet en onderbouwd beeld voor de netbeheerders en de beleidsmakers in Den Haag. Niet van één bedrijf, maar van de hele regio. “Door de data te verzamelen en gezamenlijk aan te bieden, hebben we met meer nadruk de behoefte aan elektriciteit kunnen laten zien aan degene die de beslissingen nemen in Den Haag. Alleen voor Yara konden we al aantonen dat we maar liefst 800.000 ton CO2 extra kunnen minderen met de CCS-installatie, mits er wordt voorzien in onze energiebehoefte.”, licht Wim Versteele toe. “Die 380 kV-verbinding ligt er niet morgen, maar door een aantal bijkomende congestieverminderende maatregelen krijgen we tijdelijk meer capaciteit waardoor we in juni de installatie al in werking kunnen stellen en CO2 kunnen reduceren.”
Ook het bespreken van alternatieve scenario’s is verbeterd doordat er dankzij de nieuwe werkwijze een globaal overzicht is van de energiebehoeften in de regio.
Regie bij de bedrijven, niet bij de data
Dat delen van vertrouwelijke plannen, kan aanvankelijk spannend zijn. De aanleverende partijen houden echter zelf de controle over wie de data in Data Safe House ziet. Via de Data Board hebben bedrijven inspraak bij elke data-aanvraag.
Daarnaast lost Data Safe House nog een ander oud probleem op, vertelt Wim Versteele: “De data over verduurzamingsplannen blijft evolueren. Wanneer je data op verschillende momenten met verschillende partijen deelt, gaan die hun eigen leven leiden en dat kan tot verwarring leiden. Met Data Safe House is het een uniforme set data die op hetzelfde moment is aangeleverd door een aantal bedrijven, dus uniform voor de hele regio.”
Wacht niet tot de infrastructuur vanzelf komt
Wat Versteele betreft, hebben bedrijven er voordeel bij om zich aan te sluiten bij Data Safe House: “De netbeheerders in de regio moeten een duidelijk en geverifieerd beeld krijgen van wat de behoefte is en wordt in de toekomst. Voor hen werkt dit vlotter en duidelijker, en met meer nadruk, dan wanneer bedrijven dat apart doen. Ik denk dat het meer effect teweegbrengt bij de diverse nutsbeheerders dan wanneer elk bedrijf dat apart doet.”
Ik denk dat het gezamenlijk aanleveren van data meer effect teweegbrengt bij de diverse nutsbeheerders dan wanneer elk bedrijf dat apart doet.
Bedrijven die nu hun verduurzamingsplannen delen, oefenen invloed uit op de toekomstige energie-infrastructuur. Dat vergroot de kans om ze ook daadwerkelijk uit te voeren, zoals Yara. In de nieuwe nationale standaard voor afstemming over de energie-infrastructuur voor de industrie, het DIVIT-proces (Dialoog over Infrastructuur voor Industrie in Transitie), is Data Safe House benoemd als het centrale loket door netbeheerders en overheid.
Sluit je ook aan en zorg dat jouw plannen meetellen.
→ Kennismaken om te kijken of dit past bij jullie organisatie? Vul het formulier in op datasafehouse.org/aanmelden